De reisdag naar het aan de zuidkust gelegen Playa Venao blijkt een vermoeiende. De bus in El Valle de Anton die we om kwart voor 7 nemen, gaat na 15 minuten rijden kapot en samen met twee dozijn Panamezen en tassen vol spullen staan we ergens in de berm in niemandsland op de vervanger te wachten. Gelukkig worden we na een kwartier al uit ons lijden verlost en staan we om 8 uur op het station in Las Uvas, waar we overstappen op de bus naar Las Tablas (3 uur, woutencontrole incluis) vanwaar we weer naar Playa Venao gaan met een sardientjesblik als bus.
Als we in de brandende zon (31 graden zegt de thermometer) uitstappen, valt het ons meteen op dat Playa Venao een… vreemde uitstraling heeft. We zijn in de tropen, slechts drie à vierhonderd meter van het strand verwijderd, maar we staan niet in de jungle, maar op een soort open vlakte, geflankeerd door winkels en gebouwen. Het is alsof we in een tussenfase van Playa Venao zijn, een fase waarin er gebouwd wordt. Alsof hier vijf jaar terug nog jungle was en alsof hier over vijf jaar allemaal resorts staan. Maar gebouwd wordt er eigenlijk nergens, dus zeker weten doen we het ook niet.
Ons hostel La Choza is er ook weer eentje hoor. Goedkoop, bijna 20 hele euro's samen per nacht, maar zeker de prijs waard als je naar de faciliteiten kijkt. Airconditioning, pooltafeltje, redelijke keuken, een paar hangmatjes, gedeelde badkamer… maar de mensen hier zijn weer van een andere categorie. La Choza kent – zo filosoferen we ons in paar dagen tot de conclusie – een groep van vijf tot acht personeelsleden. Kijk, het zit zo: het is een combi tussen Panamezen en backpackers, die allemaal de hele dag in of rondom het hostel hangen en de gemeenschappelijke ruimte claimen. Gewoon, door er te hangen, te liggen en vooral veel wiet te roken. En of het nu 8 uur ’s avonds of ’s ochtends is (bij het ontwaken penetreerde de wietgeur gewoon de schier ondoordringbare muren): dat is het personeel om het even. Er heerst een stereotyperende backpackerssfeer. Een hostel vol karikaturen van backpackers, van hippies. Een soort bewijsdrang waarin iedereen de tofste probeert te zijn. Het lijken me individueel allemaal eigenlijk niet zo’n verkeerde mensen, maar het zijn net vrouwen: eentje is wel leuk en gezellig, maar zet ze allemaal bij elkaar op een Tupperware-Party en de lol is er snel vanaf.
Ik neem als voorbeeld Zion. Zo dopen we het backpackerspersoneelslid met behulp van ChatGPT, die immer glazig uit zijn ogen kijkt, de moderne mullet tot kunst heeft verheven en wiens onverzorgde, niet eens zo lange baard door zeker vijf verschillende insectensoorten ‘thuis’ genoemd wordt. Op dag twee verlaten we het hostel en gaan we naar het strand. Onze gemeenschappelijke ruimte heeft ook een bovenverdieping waar iedere dag Isabelle (de meid die ons welkom heette: heel lief en vriendelijk, maar na twee jointjes heeft ze niet meer door dat je tegen haar praat) een yogales verzorgt. Als we het hostel verlaten, zit Zion bloedserieus met zijn joint in zijn rechterhand naar een laptopscherm te staren. Als we richting het einde van de middag terugkomen, zit Zion daar nog steeds, maar gezien de stand van zijn ogen was die joint van vanochtend niet zijn laatste van de dag. Nogmaals, individueel zijn ze volgens ons best wel prima, die personeelsleden hier, maar ze zijn met een grote groep, hangen de hele dag rond en nemen de gemeenschappelijke ruimte grotendeels in beslag. We voelen ons niet zo heel erg welkom en als we daarna ook nog ontdekken dat we het kabeltasje en dus ook de oplader van onze Canon kwijt zijn, is de moraal even niet op z’n allerhoogst.
Als we op dag één ons een weg naar het strand benen, zonder camera dus, heerst ook hier overal een beetje datzelfde, vreemde sfeertje. We hebben nog niet eerder een plek in Panama gezien met zo veel witte toeristen als nu (ook niet gek, we zitten op locatie drie), maar ook hier heerst weer diezelfde bewijsdrang waar we de vinger niet helemaal op weten te leggen. Terwijl we een heerlijke lunch lunchen, kijken we om ons heen. Een groot deel van de aanwezigen is verliefd. Niet op een ander, maar vooral op zichzelf.
In de middag gaan we lekker bakken op het strand en koelen we wat af in het heerlijke water en de heerlijke golven, maar komen we ook tot de conclusie dat deze plek ons niet helemaal past. Het is verre van de mooiste strandlocatie waar we ooit geweest zijn en het macho-cultuurtje kan ons simpelweg niet bekoren. Het is niet dat Playa Venao geen leuke plek is: het is gewoon niet onze plek. We hebben echter wel vijf nachten geboekt en voor het eerst overwegen we om een dag eerder van locatie te wisselen.
’s Avonds wordt dat gevoel eens te meer bevestigd. Geertje is aan het koken geraakt. We merken dat veel meer hostels over een keuken beschikken en als Geertje iets miste de vorige reis, dan is het wel het zelf koken. Bovendien bespaart het ons de nodige Amerikaanse dollars. Ook niet onhandig. In El Valle de Anton begon Geertje al met het maken van tosti’s, maar nu laten we ons helemaal overmeesteren door de keukenopties die we hebben. Geertje voelt zich er thuis, dus waarom ook niet?
Maar goed, dat gevoel dat werd bevestigd. Voor we gaan koken, spelen we een potje Phase 10. Leuk, maar dan komt er een Oostenrijkse man op ons af. Olaf noemen we ‘m. Beetje gevalletje midlifecrisis, luidruchtig, maar wel een mooi afgetraind lichaam en loopt al de hele dag als een paradijsvogeltje in zijn onderbroek over het hostelterrein te paraderen. Hij vraagt wat we doen. Oké, voordeel van de twijfel, maar voor we het getal ’10’ uit Phase 10 over de lippen krijgen, begint Olaf ongevraagd een zelfverheerlijkende biografie te oreren. Als hij ten langen leste ons vraagt waar we vandaan komen en we antwoorden met The Netherlands, wijst Olaf naar ’n vriendin van ‘m! ‘AwEsOMe! ShE’s DuTCh aS wELl!’ Geertje kan wel door de grond zakken. Nog geen vijf minuten geleden had ze luidkeels haar afschuw over de nepheid van de mensen hier uitgesproken en had ze benoemd dat ze blij is niet bij die groep te horen. Aan de blik van onze medelander te zien, had ze dat ook allemaal gehoord.
Maar goed, tijd voor wat positivisme - wat we gedurende de dag genoeg hebben, want we dollen er samen maar wat om. Het is dag twee, Zion zit lekker te stonen op het boventerras van de gemeenschapsruimte zoals ik eerder al vertelde, en wij vertrekken naar het strand. Misschien vroeg je je een paar minuten geleden wel af waarom we in godsnaam vijf nachten boeken op een plek waar tot nu toe niet zo veel aan lijkt te zijn. Nou, de reden is zo klaar als een klontje: Playa Venao is de beste plek in heel Panama om te surfen! Daarnaast was die chilldag gisteren ook een goeie: we hebben even op een rijtje gezet wat we allemaal gaan doen om het onderste uit de Playa Venao-kan te halen. De focus wordt verlegd naar de surfplank.
We kloppen aan bij Beach Break Surf Camp waar Yenkys de deur opendoet, bij wie we een dag eerder al geïnventariseerd hadden voor het nemen van een surfles. Echt zo’n zongebruinde, Panamese surfgod met lange zwarte haren en wat blonde lokken. Vraag een kind om een surfdude uit de tropen te tekenen en hij tekent Yenkys.
Yenkys blijkt de docentvaardigheden ook behoorlijk onder de knie te hebben, want binnen moeten we één voor één op het bord liggen en leren we hoe we moeten opstaan wanneer we met de plank in die golf terechtkomen. Ik denk dat Yenkys me wel tien keer sommeert opnieuw op mijn buik te gaan liggen, maar Geertje gaat het even later wat beter af. Ze moet een keer of vijf opnieuw. Doorgaan totdat we het goed doen.
Nog geen halfuur later peddelen we als kleuters in het kikkerbadje verder de Grote Oceaan in en dat talent dat Geertje op het droge leek te hebben, vertaalt zich blijkbaar ook naar het water. Eenmaal ver genoeg in het water, kantelt Yenkys onze surfplanken, kiest hij de juiste golven uit en geeft ons een zetje mee. Geertje krijgt het binnen de kortste keren voor elkaar om haar balans te vinden en te staan! Mij lukt het ietsje lastiger, maar een uur later begin ik het ook een klein beetje onder de knie te krijgen.
In het water hebben we de grootste lol in de zee. We leren peddelen, kantelen bij hoge golven, draaien en Geertje mag zelfs al zonder het zetje van Yenkys peddelend de golven trotseren en ook ik krijg steeds beter het idee dat ik doorkrijg wanneer ik op die plank moet gaan staan en hoe ik m’n balans moet houden en af en toe lukt het ook, maar aan de nieuwe Kelly Slater – Geertje – kan ik niet tippen, want die lukt het intussen zo heel af en toe om van het begin helemaal tot aan de kust te surfen. Petje af hoor.
Oh ja, dat kantelen bij hoge golven: als er te hoge golven komen, is de veiligste manier om ze te trotseren, ze liggend op je bord met de neus naar voren te benaderen en vlak voordat zo'n golf er dan is, je bord te kantelen en kopje onder te gaan. Zo neemt de golf je niet mee helemaal naar de kust. Wanneer we dat voor de eerste keer oefenen, heeft Geertje haar oren even in de slaapmodus staan. Ik zet me schrap voor een enorme golf, maar als een dwaas peddelt Geertje lijnrecht op de golf af, gaat staan en klapt alsof het Jackass is die golf in terwijl haar bord als een raket de hemel in lanceert. Ik lig dubbel en Yenkys kijkt alsof hij het water in brand ziet staan. Yenkys komt nog even verhaal halen en Geertje zei al dat ze het een gekke opdracht vond. In ieder geval geleerd dat je zo dus nóóit een golf kunt pakken.
Anderhalf uur later staan we weer aan de kant en bedanken we Yenkys voor een prachtige ervaring. Het is verrassend vermoeiend, dat surfen, en dat heb je pas door als je weer aan de kant staat. Maar het belangrijkste: dat surfen was wel heel erg leuk! We overwegen zelfs om terug te komen op onze beslissing om één dag eerder Playa Venao te verlaten. Laat die nephippies hier maar rotten: wij huren gewoon een surfplank.
Nadat Geertje de lunch heeft voorbereid, maken we nog een strandwandeling. Playa Venao is een heel groot strand en om van de ene naar de andere kant te komen, duurt ruim een uur. Ons hostel en de bijbehorende bedrijvigheid ligt iets ten oosten van het midden, dus om een lange wandeling te maken lopen we westwaarts en we zijn bijna anderhalf uur onderweg (heen en terug). Heerlijk ontspannend na een actieve ochtend en bovendien levert het ook nog een hoop leuke kiekjes op. En ontdekken we tot Geertjes afgrijzen ook wat voor minuscule worm, slakken en ander ongedierte zich onder het zand schuilhouden. Tot schreeuwens toe van mijn wederhelft. Wel leuke kiekjes, als je het mij vraagt.
Terug bij het hostel, zat Zion inderdaad dwaas naar zijn scherm te kijken op de bovenverdieping. Als we gaan koken, besluit Zoey hem te vergezellen. Zoey is zijn Frans uitziende compagnon die ook deel uitmaakt van het stonede keurkorps van La Choza hostel. Zoey is een beetje het goth-type van het personeel: neusring door het midden, tunnels in de oren met maatje NS-trein en pikzwarte haren met rood-paarse highlights die al in maanden niet zijn bijgewerkt. En een jonko in de rechterhand: dat hoort er ook bij.
Als Geertje gaat koken, ontvouwt zich weer een apart tafereel: in de keuken is een gast (of personeelslid, soms zijn de lijntjes dun en de gebieden grijs) de complete keuken aan het claimen. Vijf van de zes pitjes worden bezet gehouden en het gehele hoekvormige aanrecht van zo’n zeven meter in totaal ligt vol met de spullen van deze ene jongedame. Als Geertje toch probeert een plekje te bemachtigen, steekt die meid ook maar een joint op. IN DE KEUKEN! Even verderop hangt een bordje met de hoogtes van boetes die je krijgt bij het overtreden van hygiëneafspraken, maar die zijn in La Choza pure wanddecoratie.
Buiten zoek ik een plekje in de gemeenschapsruimte om te dineren, maar zoals het La Choza betaamt, zijn alle plekken geclaimd. Maar dan niet met mensen, met spullen. Met spullen! Er zit letterlijk niemand, maar toch kun je wegens de vele prullaria die op de tafels en de stoelen staan, nergens je kont kwijt. Ik neem maar plaats op het picknicktafeltje buiten het zitgedeelte. Dat is óók Playa Venao, lijkt het wel.
Oh ja. En er was een krab in de nacht toen we wakker werden om te plassen. Een hele grote. Je denkt eerst te dromen, maar als je 's ochtends de galerij bekijkt, dan blijkt het toch geen nachtmerrie te zijn.
We slapen lekker uit en na het tandenpoetsen banen we ons weer een weg naar Yenkys. Niet voor een les deze keer, maar voor het huren van een surfplank. Eentje, geen twee, want dan kunnen we elkaar helpen. Geertje gaat weer als een speer en heeft mijn duwtjes niet meer nodig, maar mij gaat het wat minder goed af op eigen kracht, dus ik beken met pijn en moeite dat ik Geertjes hulp nog wél nodig heb. Het belangrijkste is dat het weer een heel leuke ochtend is. We hebben besloten dat het surfen toch de moeite waard is en het van de (meeste, niet alle) mensen wint. We zitten onze tijd op Playa Venao gewoon uit.
Over de rest van de dag kan ik heel kort zijn. Bier en cocktails tijdens het schrijven van de blog. Niet de beste manier om op het budget te letten, maar wel lekker. Ach het kan ook wel, we besparen nu we zelf koken een hele hoop geld, dus dit is dan ook wel lekker! Geertje kookt weer en een dag later op onze laatste dag volgt een herhaling van zetten. Of ja, toch niet helemaal.
Om half 9 staan we op de bovenverdieping van de gemeenschappelijke ruimte. Voor ons staat Isabelle, de jongedame die we de afgelopen dagen toch wel hebben gedoopt tot verreweg de meest normale van het personeelsbestand van La Choza. Zo lang ze maar geen wiet rookt, in ieder geval. Weet je nog dat ik vertelde wat Isabelle hier nog meer deed? Nou? Juist! Yogalessen verzorgen! En jawel, we hebben onszelf zo ver gekregen om voor het eerst in ons hele leven een yogales te doen.
Buiten je comfortzone toch? Nou, dat is yoga, zeker voor mij. Met het risico dat ik me nu presenteer als een kortzichtige, ongeïnformeerde roeptoeter, heb ik toch altijd met argusogen naar yoga gekeken en vond ik het altijd maar een zweverige, onzinnige bedoening. Geertje was wat minder conservatief als ik en die had het altijd al eens willen proberen en het overhalen heeft zijn vruchten afgeworpen. En nu staan we hier en Isabelle sommeert ons om onze lichamen in de meest gekke posities te manoeuvreren, maar belangrijker: het is eigenlijk best leuk. En soms ook best zwaar. Het is niet zomaar even rekken en strekken zoals je na de warming-up bij voetbal doet om even op adem te komen: veel van die standen waar je je lichaam in wurmt, zijn echt lastig om te behouden! (Een beetje erkenning voor de gemiddelde yogi is wel op z’n plaats.)
Het zegt denk ik genoeg dat we denken ongeveer veertig minuten bezig te zijn geweest, maar dat het al bijna 9.45 is wanneer Isabelle ons bedankt voor het meedoen. Geertje beviel de yogales wel: die wil het nog wel vaker doen en dat zou ik eerlijk gezegd ook geen ramp vinden. Geertjes schouderbladen zitten doorgaans nog vaster dan de ontwikkelen omtrent een nieuw en kabinet en dan ben ik natuurlijk weer degene die aan het masseren moet. Nou, dat rekken en strekken van die yoga heeft haar behoorlijk weten te helpen. En wie weet doe ik wel weer eens mee. Het is niet zo dat het nu echt helemaal m’n ding is, maar mijn mening heeft wel in een flinke draaimolen gezeten, heeft behoorlijk gedraaid en is op een andere plek weer uitgestapt. Het afgelopen uur was heerlijk, ontspannend en intensief tegelijkertijd.
We maken (samen deze keer) nog wat lunch in de keuken en het is pas middag als we weer op de surfplanken staan. Helaas zijn de golven vandaag lager dan de afgelopen dagen en dat zie je ook in het water. Weinig surfplanken die de sporadische golven trotseren (alhoewel het ook maandag is, zou ook zomaar eens een reden kunnen zijn). Toch liggen we de hele middag weer in de zee te kijken, maar bij het gebrek aan regelmatige, goede golven is het lastig om echte vooruitgang te boeken. Nogmaals: het belangrijkste is dat we het weer leuk hebben.
We halen wat biertjes bij de supermarkt en kijken de zonsondergang van een of ander houten kasteel met zes torens dat een of andere hobbyist aan de rand van het strand in elkaar heeft getimmerd. Was wel een leuke plek met een leuk uitzicht, dachten we, en daar hadden we gelijk in. De afgelopen dagen werd het telkens bewolkt tijdens de zonsondergang, maar dat we toch geen dag eerder Playa Venao verlaten hebben, wordt nu beloond: de zonsondergang is magisch.
Als we dan nog een keer uiteten gaan (en Geertje een pita met falafel bestelt die tot haar afgrijzen vol zit met koriander, wat tot een maaltijdenwissel leidt), komen we tot de conclusie dat we blij zijn dat we morgen weggaan, naar een plek waar de sfeer hopelijk niet zo pompeus en pretentieus is. Eentje met een wat lager hippiegehalte dan de hippiegathering die Playa Venao is. In een guesthouse of hostel waar je je wél op je plek voelt. Tegelijkertijd hadden we Playa Venao ook nooit willen missen, want zonder Playa Venao hadden we misschien wel nooit leren surfen. Of misschien nog wel sterker, nooit onze vooroordelen over yoga aan de kant geschoven. Tja, dat hippiegehalte. Hippiehemel of hippiehel? Het hangt er maar vanaf hoe je het bekijkt, van wie je bent, van waar je van houdt. Misschien niet een plek die voor ons is gemaakt, maar wel een plek waarvan we blij zijn dat we er geweest zijn.
Reactie plaatsen
Reacties
Wat mooi weer... ervaring opgedaan met hippies, toch een bijzondere leefwijze, surfen geleerd! Je meerdere moeten erkennen in Geertje 🤭🤗 en 1 van de honderden soorten yoga beoefend. Kortom, toch een paar bijzondere dagen! 🍀😘
Hopelijk duikt dat tasje snel op 🙏 misschien heeft één van die ultra-spirituele-ik-ben-op-zelfontdekking-backpackers het per ongeluk “geleend” in de roes van z’n derde strand-joint.😂Je weet maar nooit daar in Venao. 😉
Heb weer even research gedaan… ja het gevoel over Playa Venao klopt. Het is nu nog dat bizarre mixje van zandwegen, surfvibe en lege percelen, maar ontwikkelaars hebben voor de komende vijf jaar allerlei nieuwe resorts op de planning staan. Dus geniet maar van die half-af sfeer zolang het nog kan voor je het weet staat er op elke heuvel een infinity pool met een influencer erin.
Maar eerst dat tasje terug! Hopelijk ligt ’ie gewoon ergens te wachten tot ‘ie weer herenigd wordt. 🌞🏄♂️🌴
Ennuhh Niels tot slot: pas maar op bij het volgende toiletbezoek daar, dat je tudeledokie er maar niet afgeknepen wordt 🦀
Prachtige foto’s en wat een geweldig avontuur!
Uiteraard Geertje kun jij dit, net zoals al di andere dingen voor de eerst keer; snowboarden, waterskiën, etc.
En yoga is misschien wel voor herhaling vatbaar als jullie terug zijn 🤭.
Heb je het tasje nog teruggevonden?
Tot de volgende. 😘🍀